Agree to disagree: hoe we samen de scherpe lijnen van polarisatie kunnen overbruggen

Als mensen kunnen we het gloeiend en heerlijk oneens zijn. Door onze scherpe meningsverschillen kunnen we ook anders over elkaar gaan denken: affectieve polarisatie. De andere partij voelt dan zo vreemd en onbegrijpelijk dat luisteren moeilijk wordt. Dat is een serieus kantelpunt, maar hoeft niet het eindpunt te zijn.

Niet alle polarisatie – vervreemding – is per se slecht. Het kan helpen verschillen duidelijker te maken. Als inhoudelijke tegenstellingen steeds scherper worden heet dat ideologische polarisatie. Alsof je het contrast in een foto verhoogt en de lijntjes duidelijker worden. Dat kan helpen bij een inhoudelijk debat, of als jij aan het vergelijken bent op wie je gaat stemmen. Het wordt vervelend als het contrast van een foto zo hoog wordt opgevoerd dat de rest van de informatie uit de foto verdwijnt. En je niet meer constructief kan sparren over je meningsverschillen.

Bij affectieve polarisatie wordt het persoonlijk: door jullie verschil verandert je totale beeld van een andere groep, en drijven jullie verder uiteen. Alsof jullie niets (meer) gemeen hebben. Je zoomt als het ware in op elkaar, tot je beeld vastloopt met alleen dat ene, onbegrijpelijke stukje in beeld. Tijd om weer uit te zoomen – maar hoe?

Agree to disagree: de verschillen accepteren

De Engelse uitdrukking ‘agree to disagree’ is populair geworden dankzij twee Britse predikanten die het inhoudelijk niet over alles eens waren. Predikant George Whitefield overleed in 1770, en predikant John Wesley schreef in een herdenkingspreek over hun inhoudelijke verschillen: ‘Hierin mogen we denken en laten denken; we mogen ‘het eens zijn het oneens te zijn’. Maar laat ons ondertussen de essentiële zaken vasthouden…’ De heren namen elkaar door hun verschillen niet minder serieus. Whitefield had ‘agree to disagree’ al eens gebruikt in een brief, in 1750. Hun versie van ‘agree to disagree’ bestaat anno 2022 nog steeds. Inhoudelijke verschillen ontdekken en accepteren, om ze niet in de weg te laten staan van persoonlijk respect. We zijn het op dit ene thema niet eens en dat is oké, we hoeven het niet over alles eens te zijn.

Foto: Ditta van Gent

Polderen: samen een uitkomst vinden

Soms moet je er samen uitkomen. In 1982 was er een economische crisis in Nederland. Er waren afspraken nodig over lonen en allerlei partijen moesten het eens worden, zoals de overheid, vakbonden en werkgevers. ‘Agree to disagree’ was geen optie, er moest een oplossing komen. Ze gingen onderhandelen met als doel een akkoord te sluiten: dat werd het Akkoord van Wassenaar. Dit Nederlandse overlegmodel heet het poldermodel – overleggen tot je er samen uitkomt. Geen moddergooien buiten, maar oplossen binnen. Dat kan ook in het klein. Bijvoorbeeld bij overleg hoe je vriendenclub, kring of familie elkaar op een verantwoorde manier kan blijven zien en steunen in coronatijd. Temidden van alle verschillende opvattingen willen jullie er samen uit komen, een gezamenlijk doel dat bindt. En dat voorkomt dat je te veel ingezoomd blijft op de verschillen.

Meet You In The Field denkt na hoe we kunnen openstaan voor, en luisteren naar elkaar. Bedankt dat je met ons meeleest, en met ons meedenkt.

Kijktip: omgaan met polarisatie

Header: Ditta van Gent fotografie


Mara Wienke schrijft en geeft les en training in schrijven voor online. Ze woont naast het bos met haar man Adrian en deelt vrolijke foto’s op Instagram: @maraxadrian

Facebook
Twitter
LinkedIn
Pinterest

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Lees hier ook:

Wanneer er voor vrouwen geen plaats is in de kerk

Ik zie ons nog zitten. Drie twintigjarige theologiestudentes, allemaal lid van de Gereformeerde Theologische Studentenverenining Voetius, tegenover drie grijze mannen in donkere pakken. We hebben de stoute schoenen aangetrokken en een afspraak gemaakt met een afvaardiging van het bestuur van de Gereformeerde Bond. We voelen ons thuis in deze hoek van de kerk. En willen het gesprek aangaan over het gebrek aan loopbaanperspectief voor jonge vrouwen zoals wij, die zich geroepen voelen tot het ambt van predikant. Waarvoor op dat moment de mogelijkheden binnen deze gezindte uiterst beperkt zijn. Dus vandaar onze vraag: wat gaan jullie daaraan doen?

Aan mijn dertigjarige ik

Hoe zullen wij terugkijken op onze levens, over twintig, dertig jaar? Wat zouden we anders hebben gedaan, waar zouden we spijt van hebben? In deze rubriek schrijven vrouwen ‘verder in leeftijd’ een brief aan hun dertigjarige ik. Opdat we leren van hun volle levens. In deze aflevering schrijft Rietje (64) een brief aan haar dertigjare ik. Over hoe ze meer van zichzelf mag laten zien, en niet alles perfect hoeft te doen.