4 tips om je imposter syndroom tegen te gaan

‘Straks komen ze erachter dat ik helemaal niet zo slim ben.’ ‘Ik heb deze baan dan wel, maar ik kan er helemaal niks van. Vroeg of laat wordt dat wel duidelijk.’ Herkenbare gedachten? Dan heb je waarschijnlijk ook last van het ‘oplichterssyndroom’, ofwel het imposter syndroom. Hoewel je een goede opleiding hebt gedaan en die ook prima hebt afgerond, ben je er nog steeds van overtuigd dat je niet goed genoeg bent. Zelfs met jarenlange werkervaring heb je het gevoel dat je niet voldoet.

Het imposter syndroom: wat zijn de kenmerken?

Het oplichterssyndroom is geen officieel vastgestelde stoornis. Wel is het een verschijnsel waar veel mensen, vooral hoogopgeleide vrouwen, last van hebben. Wanneer je last hebt van het imposter syndroom, dan kun je jezelf herkennen in de volgende punten:

  • Je hebt het gevoel dat je je naar anderen beter of slimmer voordoet dan je bent
  • Je bent bang dat je door de mand valt, dat anderen doorkrijgen dat je echt niet zo slim/competent bent
  • Je hebt de overtuiging dat anderen je te hoog inschatten
  • Je bent perfectionistisch: omdat je bang bent dat anderen je doorkrijgen, wil je geen enkele fout maken.

Het imposter syndroom wordt vaak gezien als iets waar vooral vrouwen last van hebben. Dit kan komen door de druk die onze competitieve omgeving aan vrouwen én mannen oplegt. Mannen wordt geleerd om niet onzeker te zijn en van vrouwen wordt verwacht dat ze zich kleiner en bescheiden opstellen. 

Foto: Ditta van Gent

Wat zijn de gevolgen?

Je onzekere gedachten (‘Ik zit wel op deze functie, maar ik kan het eigenlijk niet écht’) zorgen ervoor dat je je successen bagatelliseert. Uit een onderzoek dat de Volkskrant aanhaalt blijkt zelfs: hoe succesvoller je bent, hoe vaker je last hebt van het imposter syndroom. Door je eigen prestaties kleiner te maken dan ze zijn, maak je het helaas niet makkelijker voor jezelf om een fijne loopbaan te creëren. Daarnaast ga je vanwege je perfectionisme alleen maar harder werken. Als je een fout maakt, zegt het stemmetje in je hoofd, laat dat tenslotte zien dat je het inderdaad niet kan. Je negatieve zelfbeeld en het harde werken kunnen zelfs een burn-out tot gevolg hebben.

4 praktische tips

Wat kun je hiertegen doen? We geven je enkele tips die je kunnen helpen.

  1. Spreek het uit. Door aan anderen te laten weten hoe je over jezelf denkt, kun je je overtuigingen ‘toetsen’ aan de werkelijkheid. Je zult zien dat de negatieve gedachte die je hebt, niet klopt met hoe anderen over je denken. Bonus: doordat jij jezelf kwetsbaar openstelt, moedig je anderen aan om dat ook te doen. Dan merk je dat je niet de enige bent last heeft van een laag zelfbeeld.
  2. Zet de feiten op een rij. Bekijk je CV eens en je diploma’s. Wat heb je in de afgelopen jaren allemaal behaald en gedaan? Die prestaties zijn echt, in tegenstelling tot de hardnekkige overtuigingen die je hebt over je eigen kunnen.
  3. Schrijf complimenten op. Helaas blijven negatieve opmerkingen en zelfkritiek meestal langer hangen dan positief commentaar aan jouw adres. Het is daarom belangrijk om aan dat laatste wat meer aandacht te besteden. Noteer complimenten dus als je ze krijgt en maak bijvoorbeeld een mapje aan in je werkmail waarin je positieve feedback op je werk opslaat. Een goede reminder aan jezelf voor dagen waarop je extra last hebt van een laag zelfbeeld.
  4. Zorg goed voor jezelf. Cliché maar waar: als je goed voor jezelf zorgt, zit je beter in je vel en ben je onzekere gedachten sneller de baas. Zorg dus voor voldoende sport/beweging, slaap en gezond eten.

Veel mensen lijden aan het zogeheten impostersyndroom: een chronisch gebrek aan zelfvertrouwen, waardoor ze hun eigen talenten en prestaties consequent onderwaarderen. Ze zijn voortdurend bang ontmaskerd te worden als bedrieger. De gevolgen zijn vaak desastreus: uitstelgedrag, perfectionisme en uiteindelijk zelfs een burn-out. Hoe kunnen we dit syndroom doorgronden en wat kunnen we ertegen doen? De auteurs doen onderzoek en beschrijven een praktische weg naar minder twijfel en meer gevoel van eigenwaarde.

‘Ik heb nog steeds een beetje een impostersyndroom, dat houdt nooit op; ik draag dat altijd bij me, dat gevoel dat jullie me niet serieus zouden moeten nemen. Wat weet ik eigenlijk? Ik deel dit met jullie omdat we allemaal twijfels hebben over onze capaciteiten, over onze macht en wat die macht is.’ – Michelle Obama bij de presentatie van haar boek Mijn verhaal

Facebook
Twitter
LinkedIn
Pinterest

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Lees hier ook:

‘Een zwangerschap kan om meerdere redenen ongewenst zijn’

Sinds bekend is dat het Amerikaanse Hooggerechtshof het federale recht op abortus mogelijk wil afschaffen, zie ik mijn Instafeed ontploffen. Voor- én tegenstanders van abortus lijken wel steeds feller te worden in hun standpunten. En dat zet me aan het denken: hoe sta ik zelf eigenlijk in deze discussie? En in hoeverre spelen de normen en waarden die ik mijn christelijke opvoeding meekreeg daarin nog een rol?

Om niet te vergeten: ‘this girl is on fire’

Gister in de auto met de radio hard. Alicia Keys zingt: “This girl is on fire, this girl is on fire.” Ik doe mee, lekker hard, en trommelend op m’n stuur: “Looks like a girl, but she’s a flame!”

Plasticvrije alternatieven – tips en tricks

We schreven het eerder al: de dreigende berichten over klimaatverandering kunnen verlammend werken. Hoe kan jij nog je steentje bijdragen? Waar moet je dan beginnen? Het is dan fijn om in oplossingen en praktische handvatten te denken. Te beginnen bij het begin: wat kan jij in jouw eigen leven veranderen? Hanne-Maria, volger van Meet you in the field, denkt na over plasticvrije alternatieven: ‘Al leven wij beslist niet plasticvrij, we proberen wel te investeren in plasticvrije alternatieven.’ In deze blog zetten we haar tips op een rijtje.